Fictieautobiografie
Mijn eerste boeken kwamen tevoorschijn in mijn kleuterjaren. Ik herinner me nog goed hoe blij ik was met mijn koffertje waarin de maan-roos-vis-boekjes zaten. Alhoewel er mij soms wel werd voorgelezen, kan ik me dat eigenlijk niet meer herinneren. De Tiny-boeken en Julie-boeken (zéér toepasselijk) kan ik me nog wel voor de geest halen, maar dat komt omdat ik die enkele jaren later zelf las.
In het basisonderwijs was ik al snel weg met lezen. Voor mij waren de maandelijkse uitstapjes naar de bib, zowel met mijn mama als met de klas, iets om naar uit te kijken. Ook de vrijdagvoormiddagen waarop er enkel gelezen werd zal ik niet gauw vergeten. Terwijl de meeste leerlingen vochten om de befaamde Waar is Wally-boeken, was ik fan van de Bolleboos-reeks. Natuurlijk was ik ook dol op strips: Suske en Wiske en Jommeke waren mijn oorspronkelijke favorieten, daarna kwam Kiekeboe.
Ergens in het vierde of vijfde leerjaar las ik een eerste Harry Potter-boek (J.K. Rowling). Ik imiteerde destijds constant mijn oudere broer en ging dan ook vaak met mijn vader en hem naar jongensachtige films in de cinema kijken. Waarschijnlijk is dat ook de reden waarom ik nog steeds zo'n enorme fan ben van reeksen als In de ban van de Ring (J.R.R. Tolkien). Ik besloot toen ook naar de KJV-bijeenkomsten (Kinder- en Jeugdjury Vlaanderen) te gaan omdat ik in mijn vrije tijd graag en vaak las. Een boek dat ik daar besproken had en echt goed vond, was Orfeo van Wendy Stroobant.
Vanaf het middelbaar begon ik steeds vaker voor Engelse boeken te kiezen. Misschien is dit te wijten aan het feit dat ik geen goede band met de leerkracht Nederlands voor de eerste graad had. Mijn leerkracht Engels daarentegen, vond ik heel leuk. Dit zorgde er wel voor dat ik de boekbesprekingen Nederlands steeds minder en minder leuk vond: we mochten namelijk enkel werken van Nederlandse of Belgische auteurs lezen. Vooral de romans van Nicholas Sparks en Christopher Paolini las ik meermaals.
Rond de tweede graad stopte ik met de KJV. Ik had erg veel hobby’s en wou mijn schaarse tijd liever besteden aan boeken die ik zelf kon uitkiezen. Absolute toppers waren toen Gevoel en verstand, Trots en vooroordeel en de andere werken van Jane Austen. Ik begon in die tijd ook vaker en vaker met een tante naar toneelstukken te gaan kijken. Ze gaf me dit dan als cadeau voor één of andere gelegenheid.
In de laatste graad leerde ik vooral meer en meer de wereld van de poëzie en de historie van het Nederlands kennen. Dit had voornamelijk te maken met de lesinhoud van het vak op school en de interessante leerkracht die mij in de laatste graad onderwees. Ik herinner mij nog hoe ik al de boeken waaruit wij fragmenten bespraken, wilde lezen.
Vanaf dan lagen mijn interesses niet binnen bepaalde genres. Er zijn natuurlijk altijd wel werken die mij totaal niet kunnen bekoren zoals Hij en zij (Dirk Bracke). Maar mijn collectie blijft vrij uitgebreid: gaande van Oorlog en vrede (Tolstoj) tot Silmarillion (J.R.R. Tolkien). Ook van toneelstukken, concerten, dansvoorstellingen, e.d. kan ik nog steeds genieten.